Een zorgmijder los laten blijft moeilijk.

zorgmijder

Ik werd gebeld door mijn baas of ik even naar kantoor wilde komen, waarop Ik mij meldde, een kop koffie kreeg. Ik wist totaal niet wat mij te wachten stond maar het zag er wel serieus uit. Mijn baas vroeg mij of ik naar Meneer Bonn wilde gaan, waarop ik antwoordde “ ja, uiteraard maar waarom laat je mij hiervoor komen dan”, aangezien dit niet echt gebruikelijk is. Mijn baas wil uitleg geven wie die Meneer is en wat ik er kan verwachten, Ik kreeg al enig idee van oké ik word volgens mij bij alle probleem gevallen ingezet.

Ik moest bij deze man heel ongebruikelijk door de tuin, daar kon ik gewoon de deur opentrekken en stond ik in een slaapkamer waar ik dan Meneer Bonn aantrof. Waarom niet aanbellen zoals dat bij iedereen ging vroeg ik mij af. Maar deze man ligt op bed en kan niet van bed af, in zijn kinderjaren had hij polio gekregen en heeft slechte doorbloedingen. Ik had zo mijn gedachten hier over van, ook gevaarlijk ieder oplettend mens ziet dat ik door de tuindeur ga en zo de deur opentrek. In mijn hoofd zag ik al voorbeelden, straks wordt die arme stakker nog overvallen. Ja, soms zie je beren op de weg die er dan even niet zijn maar wel in mijn gedachten. Mijn rol als vrijwilliger van slachtofferhulp kwam al gauw naar boven.

Ik ging bij Meneer Bonn naar binnen begroette hem en stelde mij netjes voor. Het rook er muf en naar zo’n schimmellucht dat ik er eng van werd. Daar zag ik een kleine man liggen, om zich heen allemaal opgestapelde kranten en geen klein stapeltje hoor. Ik had stellig het idee dat zijn bed nog nooit verschoond was, het laken wat ooit crème of wit geweest en nu grauw zwart en smerig. Meneer Bonn vertelde mij dat de badkamer en keuken schoongemaakt moest worden, ik liep naar de woonkamer en zag ook daar allemaal spullen, kranten, reclame, stoelen en tafels op elkaar gestapeld. En dacht, wauw is hier geen woonbegeleider maar die was er wel degelijk, deze kwamen zijn medicijnen brengen en een ontbijt of lunch maken. Het bleek al jaren zo te zijn, hier moest ik spontaan van op mijn hoofd krabbelen. Ik zei tegen mezelf Jolanda je ben hier om schoon te maken dus doe je ding en laat het voor wat het is.

De badkamer en keuken had ik gedaan en moest drie uur bij Meneer Bonn blijven dus vroeg ik of ik nog wat voor hem kon doen. Hij vroeg mij zijn washandjes uit te wassen met de hand, ik keek in die emmer en vroeg aan hem “zoveel washandjes”? Ja, zei hij nadrukkelijk” ik douche mezelf niet in de badkamer dat doe ik op bed met washandjes”. Waarop ik antwoordde, “ Meneer Bonn ik vindt u aardig maar deze washandjes ga ik niet wassen op de hand”. Waarop ik de rimpels al op zijn gezicht zag komen. “Nee, Meneer Bonn ik zie u kijken maar ik zet de hygiëne voor mezelf op de eerste plaats”. Ik vind dat dit de taak is van de woonbegeleider/ verpleegkundige en gelukkig liet hij het rusten omdat hij zag dat ik dit echt niet ging doen.

Ik moest ook boodschappen gaan doen, hij had een lijst gemaakt maar die moest ik eerst overschrijven. Meneer Bonn gaf mij 120 euro en daarna kon ik gaan. Zelf vond ik dat wel veel geld, en al die boodschappen die ik moest halen waar laat hij ze allemaal. De keukenkastjes zaten propvol en wanneer ik de andere kast opendeed kwam daar een heleboel nieuw beddengoed uit en met de schoonmaakspullen daar kon je wel 8 woningen mee schoonmaken. De man had dus een verzamel probleem van kranten, reclame, stoelen, tafels en ook boodschappen. Hier moest ik dus twee keer per week drie uur heen, elke week kwam hetzelfde terug zowel de boodschappen als het stofzuigen. Tijdens mijn werk moest ik uitkijken dat ik geen spullen op me hoofd kreeg en met het vele geld boodschappen doen vond ik al helemaal niet kunnen.

Ik kreeg een andere baas ( leidinggevende), met haar besprak wat ik al een poos zag bij Meneer en vroeg haar mee te gaan zodat zij zelf kon zien waar ik in werkte. Wat niet gezond was voor mij en ook voor Meneer Bonn zelf niet. Ze ging mee en schrok zich daadwerkelijk rot en begon te praten met hem dat ik niet meer wilde komen werken. Dat zij wel kon begrijpen waarom ik niet meer wilde want het is er niet bepaald hygiënische. Ze hoopte dat ze op hem in kon praten en dat hij hulp zou aan nemen. Meneer Bonn zou beter tijdelijk naar een zorginstelling gaan zodat zijn huis leeg gemaakt kon worden en zijn bed opnieuw verschoond kon worden. Daarna kon hij dan terug in een opgeruimd schoon huis en bed. Maar helaas wilde hij niets anders als enkel zo blijven liggen en op deze wijze door gaan. Ik zei hem “sorry, Meneer Bonn maar dan wel zonder mij” want weet je hij is een zorgmijder. Ik hoefde van mijn leidinggevende er niet meer heen, wel ging zij alles op alles zetten om deze man toch verder te helpen. Of dit gelukt is weet ik eigenlijk niet aangezien deze leidinggevende ook weer vertrokken is.

Hier moest ik Meneer Bonn los laten en dat val echt niet mee, zo op zijn tijd denk ik nog aan hem zeker als ik langs zijn huis rijd en dan mij afvraag, lig hij nog steeds zo.

© Jolanda Loke 12-2-2015

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*