Archieven

Hoe dementie in een leven sluipt

dementeren

Mijn telefoon gaat de gehele dag, de planner was druk bezig mensen in te delen waar zij extra konden werken echter zelf ben ik vol geboekt althans dat dacht ik. De telefoon rinkelt, Ik neem de telefoon op het is de planner deze wil mij meenemen naar een klant. De klant is een mevrouw en geen makkelijke dame aangezien zij al een aantal collega’s had weg gestuurd samen spraken we een dag af, dat werd vrijdagochtend en mevrouw Beker zou aanwezig zijn samen met haar zoon.

Ik kreeg al aardig in de gaten dat ik de moeilijke klanten kreeg en besprak dat, want hoe graag ik ook mensen help wat afwisseling met ontspannen klanten maakt het werk toch iets leuker. Gelukkig begreep mijn planner dat, deze zei “dat is de laatste Jolanda”, nou dat klonk als muziek in mijn oren. We kwamen aan een flat met lift dat is altijd zo n rijkdom, aangezien ik zelf last heb van bloedvat vernauwingen. Dat zorgde ervoor dat ik hele dagen pijn in mijn benen heb, ook wel etalage benen genoemd. Ik belde aan en de zoon van de mevrouw deed de deur open en heten ons welkom.

Met een warm onthaal mochten wij plaats nemen, mevrouw zat in een stoel en keek mij van top tot teen aan. Een kleine Indonesische vrouw, tenger en met grijs bijna wit haar. Ik zag dat ze mij en mijn planner aan het observeren was. Er werd koffie gebracht door de zoon en deze vertelde wat er gaande was met zijn moeder. “Ze is aan het dementeren, heeft diverse lichamelijke klachten waardoor mijn moeder zelf niet meer kan schoon maken. Tevens heeft mijn moeder ook de verplegers aan huis die haar helpen met medicatie en eventueel douchen”. Hij hoopte dat het zou klikken tussen mij en zijn moeder aangezien zij er al veel had weg gestuurd. Mevrouw wilde dat ik twee keer per week kwam, de maandagochtend 3 uur en vrijdagmiddag 2 uurtjes.

De eerste maandag ben ik er heen gegaan het verliep best vlotjes, zij hield mij in de gaten en keek streng en daarbij vertelde zij wat ik moest doen. Bij een kop koffie vertelde zij mij dat ze met de boot hier heen gevlucht was en dat zij hier in Nederland gestudeerd heeft als zuster, zij assisteerde ook bij in de operatie kamer. Herhaaldelijk kreeg ik dat horen dat haar man was overleden waar zij het nog steeds moeilijk mee had. Op haar tafel lag een kleed en daaronder lag de overlijdens kaart van haar man waar zij een aantal keren op keek. Alles van haar man was nog in huis en het leek erop of haar man elk moment binnen kon lopen zelfs zijn schoenen stonden nog op de gang en zijn hoed hing daar.

Na een aantal weken dacht ik wel het vertrouwen te hebben gewonnen tot ik haar aantrof dat zij zich niet goed voelde, ze had het koud en dacht dat ze ging sterven. Met veel praten lukte het mij dat ze in haar bed ging liggen maar zij was zo bang dast het bij mij door merg en been ging. Ik besloot op de grond te gaan zitten naast haar bed en hield haar hand vast en vertelde dat ik haar zoon ging bellen. Daar was mevrouw Beker heel blij mee en nadat ik gebeld had ben ik weer naast haar gaan zitten, heb haar hand vast gehouden zodat ze wist dat er iemand bij haar was. Ik stelde haar gerust door te zeggen “ik blijf bij u tot u zoon hier is”. Met mijn andere hand wreef ik over haar wangen en merkte dat ze rustiger ging ademen. “Ga ik dood Jolanda” vroeg zij mij en ik trachtte haar dan gerust te stellen. Wat was ik blij haar zoon te zien en naar huis te kunnen, direct daarna heb ik mijn planner gebeld en uitgelegd wat er gaande was.

Dat ik die middag weinig schoon gemaakt had aangezien mevrouw niet lekker was. Het was geen probleem ik had er goed aangedaan. De mevrouw was vaker niet lekker en bang van de dood, dan deed ik haar geruststellen. Of wilde deze mevrouw graag dood, dat vroeg ik mij altijd af. Buren hielden mij vaak aan met de vraag of mevrouw nog zelf kookte aangezien zij een gas fornuis had. De buren kon ik gerust stellen dat deed mevrouw niet meer. De kinderen kookten of haalde wat lekkers voor haar, Zij at weinig tot niets dat had ik al snel gezien. Ik nam weleens een broodje kroket voor haar mee, dat smikkelde ze aardig weg.

Na een paar maanden bij haar gewerkt te hebben werd ik zelf geopereerd ik moest gedotterd worden waardoor ik zeker 3 weken de ziektewet in moest.  Na mijn herstel ging ik weer naar mevrouw Beker, ze was boos en zelfs woest dat ik zomaar weg gebleven was, ik moest maar weg gaan en hoefde nooit meer terug te komen. Ik trachtte nog van alles maar mevrouw bleef bij haar standpunt. Ik ben netjes weg gegaan de planner zei mij nog  “misschien had je mij nog moeten bellen”. Ja had, als je mij een retourtje geeft kan ik je bellen enkel die is er niet. Mevrouw heeft nog een jaar zelfstandig gewoond en ging toen het verzorgingstehuis in. Ik vraag mij nog weleens af zou ze nog leven, hoe dan ook ik had respect voor haar.

© Jolanda Loke 7-3-2015

Een zorgmijder los laten blijft moeilijk.

zorgmijder

Ik werd gebeld door mijn baas of ik even naar kantoor wilde komen, waarop Ik mij meldde, een kop koffie kreeg. Ik wist totaal niet wat mij te wachten stond maar het zag er wel serieus uit. Mijn baas vroeg mij of ik naar Meneer Bonn wilde gaan, waarop ik antwoordde “ ja, uiteraard maar waarom laat je mij hiervoor komen dan”, aangezien dit niet echt gebruikelijk is. Mijn baas wil uitleg geven wie die Meneer is en wat ik er kan verwachten, Ik kreeg al enig idee van oké ik word volgens mij bij alle probleem gevallen ingezet.

Ik moest bij deze man heel ongebruikelijk door de tuin, daar kon ik gewoon de deur opentrekken en stond ik in een slaapkamer waar ik dan Meneer Bonn aantrof. Waarom niet aanbellen zoals dat bij iedereen ging vroeg ik mij af. Maar deze man ligt op bed en kan niet van bed af, in zijn kinderjaren had hij polio gekregen en heeft slechte doorbloedingen. Ik had zo mijn gedachten hier over van, ook gevaarlijk ieder oplettend mens ziet dat ik door de tuindeur ga en zo de deur opentrek. In mijn hoofd zag ik al voorbeelden, straks wordt die arme stakker nog overvallen. Ja, soms zie je beren op de weg die er dan even niet zijn maar wel in mijn gedachten. Mijn rol als vrijwilliger van slachtofferhulp kwam al gauw naar boven.

Ik ging bij Meneer Bonn naar binnen begroette hem en stelde mij netjes voor. Het rook er muf en naar zo’n schimmellucht dat ik er eng van werd. Daar zag ik een kleine man liggen, om zich heen allemaal opgestapelde kranten en geen klein stapeltje hoor. Ik had stellig het idee dat zijn bed nog nooit verschoond was, het laken wat ooit crème of wit geweest en nu grauw zwart en smerig. Meneer Bonn vertelde mij dat de badkamer en keuken schoongemaakt moest worden, ik liep naar de woonkamer en zag ook daar allemaal spullen, kranten, reclame, stoelen en tafels op elkaar gestapeld. En dacht, wauw is hier geen woonbegeleider maar die was er wel degelijk, deze kwamen zijn medicijnen brengen en een ontbijt of lunch maken. Het bleek al jaren zo te zijn, hier moest ik spontaan van op mijn hoofd krabbelen. Ik zei tegen mezelf Jolanda je ben hier om schoon te maken dus doe je ding en laat het voor wat het is.

De badkamer en keuken had ik gedaan en moest drie uur bij Meneer Bonn blijven dus vroeg ik of ik nog wat voor hem kon doen. Hij vroeg mij zijn washandjes uit te wassen met de hand, ik keek in die emmer en vroeg aan hem “zoveel washandjes”? Ja, zei hij nadrukkelijk” ik douche mezelf niet in de badkamer dat doe ik op bed met washandjes”. Waarop ik antwoordde, “ Meneer Bonn ik vindt u aardig maar deze washandjes ga ik niet wassen op de hand”. Waarop ik de rimpels al op zijn gezicht zag komen. “Nee, Meneer Bonn ik zie u kijken maar ik zet de hygiëne voor mezelf op de eerste plaats”. Ik vind dat dit de taak is van de woonbegeleider/ verpleegkundige en gelukkig liet hij het rusten omdat hij zag dat ik dit echt niet ging doen.

Ik moest ook boodschappen gaan doen, hij had een lijst gemaakt maar die moest ik eerst overschrijven. Meneer Bonn gaf mij 120 euro en daarna kon ik gaan. Zelf vond ik dat wel veel geld, en al die boodschappen die ik moest halen waar laat hij ze allemaal. De keukenkastjes zaten propvol en wanneer ik de andere kast opendeed kwam daar een heleboel nieuw beddengoed uit en met de schoonmaakspullen daar kon je wel 8 woningen mee schoonmaken. De man had dus een verzamel probleem van kranten, reclame, stoelen, tafels en ook boodschappen. Hier moest ik dus twee keer per week drie uur heen, elke week kwam hetzelfde terug zowel de boodschappen als het stofzuigen. Tijdens mijn werk moest ik uitkijken dat ik geen spullen op me hoofd kreeg en met het vele geld boodschappen doen vond ik al helemaal niet kunnen.

Ik kreeg een andere baas ( leidinggevende), met haar besprak wat ik al een poos zag bij Meneer en vroeg haar mee te gaan zodat zij zelf kon zien waar ik in werkte. Wat niet gezond was voor mij en ook voor Meneer Bonn zelf niet. Ze ging mee en schrok zich daadwerkelijk rot en begon te praten met hem dat ik niet meer wilde komen werken. Dat zij wel kon begrijpen waarom ik niet meer wilde want het is er niet bepaald hygiënische. Ze hoopte dat ze op hem in kon praten en dat hij hulp zou aan nemen. Meneer Bonn zou beter tijdelijk naar een zorginstelling gaan zodat zijn huis leeg gemaakt kon worden en zijn bed opnieuw verschoond kon worden. Daarna kon hij dan terug in een opgeruimd schoon huis en bed. Maar helaas wilde hij niets anders als enkel zo blijven liggen en op deze wijze door gaan. Ik zei hem “sorry, Meneer Bonn maar dan wel zonder mij” want weet je hij is een zorgmijder. Ik hoefde van mijn leidinggevende er niet meer heen, wel ging zij alles op alles zetten om deze man toch verder te helpen. Of dit gelukt is weet ik eigenlijk niet aangezien deze leidinggevende ook weer vertrokken is.

Hier moest ik Meneer Bonn los laten en dat val echt niet mee, zo op zijn tijd denk ik nog aan hem zeker als ik langs zijn huis rijd en dan mij afvraag, lig hij nog steeds zo.

© Jolanda Loke 12-2-2015

De vergeten doelgroep

de vergeten doelgroep
Ik begin aardig mijn draai te vinden als huishoudelijke medewerker, aangezien ik al op verschillende adressen ben geweest. Het blijft toch spannend waar kom je in te terecht ieder mens is zo verschillend. Dit keer mocht ik naar een jonge dame die verstandelijke gehandicapt was en nogal moeilijk in de omgang. Oké, dacht ik mouwen opstropen en gaan.

Ik belde aan en kreeg met nogal luidde stem te horen “wie is daar”. Ik riep mijn naam en de deur ging open. “Hallo” zei ze mij en gaf een hand en stelde zich netjes voor, “Marijke, blijf jij nou mijn hulp”. “Om eerlijk te zijn weet ik niet of ik jou vaste hulp blijft” antwoordde ik, laten wij maar eerst eens kijken of jij mij wel zo aardig vindt. Marijke begon te lachen en mijn gedachte waren pfff het ijs is gebroken. Marijke is één van de weinig verstandelijk gehandicapten die nog op zichzelf woont. Je ziet wel dat verstandelijk gehandicapte mensen op zichzelf wonen in een flat maar deze hebben dan 24 uur zorg en Marijke heeft dat niet zij behoort eigenlijk tot een vergeten doelgroep.

Het huis was rommelig, de keuken en badkamer vies. Maar wat mag je nu verwachten van een verstandelijke gehandicapten, ik wist het niet want ik had er nog nooit mee gewerkt. Het voelde wel aan dat ik mijn woonbegeleidersrol moest gaan nemen om bij Marijke het een en ander voor elkaar te krijgen. Wanneer ik teveel schoonmaakten zei ze” je hoef niet door de vloer en zo opgeruimd hoeft het nou ook weer niet”. Marijke raakte gefrustreerd als het te opgeruimd werd, hier moest ik wat op bedenken. Ik bleef bij Marijke werken en samen gingen we in overleg over hoe zij wilde dat er opgeruimd werd. Vaak als ik dan bezig was begon ik met zingen en Marijke begon dan te lachen en ging snel de radio aanzetten “dat klonk mooier”, zei ze dan. Met een lach en knipoog van mij, konden we het samen goed vinden.

Ik ging weer naar Marijke maar nu met een schoonmaak schema in gedachte en daar werd Marijke helemaal vrolijk van want zo had zij ook inbreng.
Ze begon mij te vertrouwen, gaf aan dat zij een woonbegeleider had die elke week kwam, maar eigenlijk ook niets deed als enkel koffie drinken. Buiten dat Marijke verstandelijke gehandicapt is zag ik dat er meer aan de hand was. En hoe langer ik er was des te meer ik begon te horen en te zien. Marijke had buiten haar verstandelijke handicap de diagnose borderline en een eetstoornis.

Koken deed ze niet, zij leefde op brood en cup a soep. Ik vond gek genoeg bloemkool en aardappels die wortel aan het schieten waren. Ik trok mijn stoute schoenen aan en confronteerde haar hiermee. Wat bleek Marijke heeft een vriend, samen doen zij boodschappen daarna wordt de bloemkool door midden gesneden. De ene helft voor haar vriend en de andere helft voor Marijke die zij trouw in haar koelkast lag, zodat de woonbegeleider toch groente zag liggen. Met vlees deed zij hetzelfde zodat Marijke de indrukte wekte dat ze gezond at wat totaal niet aan de orde was. Ik belde mijn baas om dit probleem voor te leggen. Dit moest ik bij de instelling en Marijke laten, wauw wat vond ik dat erg.

Tot er een dag kwam dat ik aan de deur stond en de portiek deur open stond maar ook haar huis deur. Ik weet nog goed hoe ik mij toen voelde of twee handen mij naar mijn keel grepen. Ik mag niet zomaar naar binnen lopen dus direct mijn baas gebeld. Met haar toestemming mocht ik naar binnen. Ik met knikkende knieën naar binnen omdat ik niet weet wat ik aan ging treffen. Ik riep haar naam geen antwoord, nog een keer en stond in de woonkamer maar geen Marijke en ook in de slaapkamer geen Marijke. Toen zag ik een brief liggen op tafel waarop stond, Ik ben boodschappen doen samen met mijn vriend. Op tafel lag wat brief geld en los geld en ze ging op deze wijze gewoon van huis. Ik ben mij daadwerkelijk wezenloos geschrokken, en tevens opgelucht er was gelukkig niets aan de hand. Dus heb ik mijn baas terug gebeld met de mededeling dat er niets aan de hand was. Mijn baas heeft naar Marijke gebeld en ik ben zo brutaal geweest om het adres en het telefoon nummer van haar woonbegeleider te gaan zoeken in haar map en met succes.

Als mijn baas het niet doet dan doe ik het wel dacht ik, gewoon het idee in ieder geval iets gedaan te hebben. Van Marijke kreeg ik een geweldige bos bloemen toen ik bij haar weg ging.
Ze wilde eigenlijk dat ik voor altijd bij haar bleef maar helaas werkt dat niet zo.
Nog steeds vraag ik mij af hoe zou het met haar gaan.

© Jolanda Loke 4-3-2015

Een oude man en zijn lieveling Goofy

goofy

Op 6 december 2011 ging ik voor het eerst als huishoudelijk hulp werken, ik werd naar een man gestuurd van 80 jaar die een hondje had genaamd Goofy. De woning was een eengezinswoning, 4 kamer woning 1 x per week drie uur schoonmaken. Er werd mij weinig verteld dus daar ging ik op me scooter naar het adres waar ik zijn moest. Daar aangekomen kwam er een oude man naar de deur en deze liet mij binnen. De eerste indruk was o jee een brom beer, aangezien hij zo binnensmonds aan het mompelen was.

Ik liep achter de oude man aan, merkte op dat het muf rook en de keuken er smerig en vet uitzag. Mijn gedachten was, hier is al een poos geen huishoudelijke hulp geweest. Zijn hondje Goofy ging naast hem zitten toen hij in zijn stoel plofte. De oude man snapte niet wat ik kwam doen het was toch schoon terwijl ik dacht o jee, hoe ga ik deze man vertellen dat het niet schoon is.

Ik vertelde hem dat ik werd gestuurd en kwam schoonmaken. Hij kon het allemaal zelf met vol overtuiging. De oude man zag en hoorde niet goed en ook liep hij niet meer goed, dus vroeg ik “zal ik lekker een kop koffie voor u maken”. Gelukkig ging hij hier op in en maakte ik voor hem een heerlijk kopje koffie. In die tussen tijd kon ik gewoon al beginnen met schoonmaken en zonder protest liet hij mij mijn gang gaan. Ik besteedde ook tijd aan Goofy zodat de man zag dat ik aardig voor zijn hond was. Dat pakt meestal goed uit.

Ik ging zijn bed verschonen en daarna naar boven, eenmaal boven werden mijn ogen groter, ontlasting en urine van de hond in twee slaapkamers… mijn hemel. Ik heb alles netjes opgeruimd en zijn bed verschoond. Na drie uur schoonmaken bij de oude man ben ik mijn baas gaan bellen van, “waar stuur je mij nu heen” en begon te vertellen wat ik allemaal zag en vond. Ik vertelde niets nieuws dit is al jaren zo hier bleek elke week hulp te zijn geweest. Het huis werd er niet schoner op dit zou ik dus elke week opnieuw aan treffen. Ik vroeg naar familie, de oude man had kinderen en zij komen wel langs en ruimen ook op. Ik gaf direct aan “dan komen we te kort aan die drie uur per week”. Klopt gaf mijn baas aan deze meneer heeft eigenlijk ook zes uur indicatie, op de een of andere manier kreeg hij die niet wat ik op zich heel vreemd vond.

Zes uur indicatie is geen drie uur indicatie. Ik ben denkelijk zeker een half jaar bezig geweest om de oude man de 6 uur indicatie per week te geven waar hij recht op had. In die zes uur kon ik de hond uitlaten, boodschappen doen en het gehele huis schoonmaken. Hij ging steeds meer achteruit maakte de boel vies, niets kon hem schelen alleen Goofy daar leefde hij nog voor. Zolang Goofy leeft wilde hij voor hem zorgen. Hij liet vlees komen voor de hond dat kookte hij maar at het ook soms op samen met Goofy. Ook kon hij niet meer boven slapen en de trap niet meer op. Met pijn en moeite heb ik de zorginstelling overtuigd dat er een bed in de woonkamer moest komen. Ik was zo bang dat hij van de trap zou vallen. De oude man zat te vereenzamen en was verbitterd na zijn verleden, boos op zijn kinderen, vergeetachtig en vertelde soms leugens.

Hier begon ik direct op mijn eerste dag te zien hoe je kan vereenzamen en enkel nog voor je hondje wil leven. Hoe de huishoudelijke hulp met instanties bezig waren om te zorgen dat hij kreeg wat hij nodig had. In 2011 waren er ook al bezuinigingen maar niet zo zoals nu in de zorg is. De oude man kreeg zijn zes uur en kreeg een bed in zijn woonkamer.

Nu in 2015 de oude man leeft nog en zijn hondje Goofy ook.

© Jolanda Loke 31-1-2015

Gastschrijfster Jolanda Loke stelt zich voor

Jolanda kl

Goedendag lieve mensen

Graag stel ik mij eerst voor, mijn naam is Jolanda Loke en ik ben 45 jaar. Ik heb een aantal jaar in de hulpverlening gewerkt als vrijwilliger bij slachtofferhulp zowel als woonbegeleider. Daar werkte ik voornamelijk met mensen die een psychiatrische achtergrond hebben.

Daarna ben ik als huishoudelijke medewerker komen te werken door bezuinigingen van het werk in de psychiatrie. Eerst had ik moeite om dit werk te doen, het was zo anders was ik van mening. Al gauw kwam ik er achter hoe dankbaar werk dit eigenlijk wel is, je bent meer als die huishoudelijke medewerker. Je stapt het privé leven binnen van mensen waar vreugde, verdriet en pijn is en waar je als huishoudelijke medewerker zo ongeveer drie uur per week thuis ben en ook ontzettend veel ziet wat er nu eigenlijk gebeurd in het gezin of bij de oudere mensen.

Onder een kop koffie probeer je de mensen die eenzaam zijn de aandacht te schenken die zij zo verdienen. Niemand verdient het om eenzaam te zijn. Ik heb schoongemaakt bij verstandelijke gehandicapten die op zichzelf wonen met 24 uur zorg. Ook daar heb ik het geweldig naar mijn zin gehad en veel gezien.

Nu is het de bedoeling dat ik als ervaringsdeskundige een blog gaat schrijven waar ik alle leuke en minder leuke dingen zal schrijven. Zeker nu na alle veranderingen in de zorg en in de huishoudelijke zorg.
Ik wil Gre bedanken voor deze lieve kans,

Groetjes Jolanda

©Jolanda Loke 29-1-2015